Wetenswaardigheden over varkens

| | fav
Een jong varken heet big, een vrouwtjes varken heet zeug en een mannetje noemen we een beer. Een vrouwtjesvarken dat nog geen biggen heeft gekregen heet gelt. In Brabant zeggen ze ook vaak kuus.

Een zeug is ongeveer 115 dagen drachtig, dat kun je gemakkelijk onthouden, want dat is 3 maanden, 3 weken en 3 dagen. Gemiddeld worden er per keer 13 biggen geboren. De geboorte van biggen noemen we een worp. Een worp biggen heet een nest of een toom.

Na de geboorte drinken de biggen melk bij de moeder. Zij hebben vaak dezelfde speen. De sterkste biggen liggen meestal aan de voorste spenen. De achterste speen geeft het minste melk. Er bestaat een uitdrukking, die luidt: “Aan de achterste mem (speen) liggen”. Dat betekent zoiets als ‘aan het kortste eind trekken’ of ‘als laatste aan de beurt komen’. Melk drinken bij de moeder heet zogen. Een varken is dus ook een zoogdier.

Aan het eind van de zoogtijd worden ze gespeend. Dat wil zeggen dat ze dan overschakelen naar ander voedsel. Op de meeste varkenshouderijen is dat na 3 tot 4 weken. Op een biologische varkensbedrijf is dat na zo’n 6 weken.

Wij houden varkens vooral voor het vlees. Een varken zet 35% van zijn eten om in vlees. Als het ongeveer 6 maanden oud is, wordt het geslacht. Het weegt dan zo’n 100 kilo. Bijna alles van het varken wordt gebruikt of om op te eten of om iets anders van te maken.

Islamieten en Joden mogen geen varkens eten, want binnen hun geloof wordt het varken gezien als een onrein beest.


Veeteelt.Nu wordt gemaakt in opdracht van het Productschap Vee en Vlees. Het Productschap wil graag bijdragen aan informatie over de veehouderij van vandaag.

Wij hebben ons best gedaan om alle rechthebbenden met betrekking tot (foto-) materiaal op deze website / nieuwsbrief te achterhalen.
Eenieder die meent dat zijn/haar materiaal zonder voorafgaande toestemming hier is gebruikt, verzoeken wij om zich tot ons te wenden.